GevelstenensEptEm 8012

sEptEm 8012

Technische informatie

Kleur omschrijving
De kleur is roodpaars tot in de massa.
Afmeting (L x B x H)
ca. 220x73x52 mm (LxBxH)
Aantal/m² met een traditionele voeg
ca. 69 (12 mm)
Aantal/m² met een dunne voeg
ca. 79 (6 mm)

reportage sEptEm 8012

De tirse in Brakel

De tirse in Brakel

Metselwerk in zijn meest elementaire vorm

In 2009 is het project de Tirse in Brakel voltooid. Voor dit project is gekozen voor de sEptEm 8012. Een tijdloze neutrale kleur die zeer geschikt is voor strakke lijnen en grote volumes. Door de bezanding heeft deze kleur een zacht en rustig karakter en leent ze zich gemakkelijk voor grote volle vlakken. 

Referenties

Zoek volgens gemeente




Referentie lijst sEptEm 8012
Postcode Stad Straat Stijl en omschrijving Voeg Voegkleur Raam Dakbedekking Opmerkingen
9880 Aalter Bellemstraat 141d Wildverband 6 mm zwart plat vrijstaand
3200 Aarschot Amerstraat 44 12 mm Geel beige platte pan appartement-combinatie gele crepi
8570 Anzegem Vichtsesteenweg
4610 Beyne-Heusay Rue Des Moulins 58 Wildverband 6 mm donkergrijs donkere lei vrijstaande villa
8540 Deerlijk Trompestraat 38 6 mm modern
3590 Diepenbeek Kogelstraat 1 Wildverband 6 mm appartementen
2650 Edegem Florent Geverstraat 39 Wildverband 6 mm aluminium plat dak rijwoning
9890 Gavere Vluchtenboerstraat tov 84 Klezorenverband 12 mm Rood zwart plat groepswoningen
2440 Geel Turnhoutseweg 53 Wildverband 6 mm zwart plat vrijstaand
9000 Gent Groendreef - Abrikoosstraat
Print alle

Verwerkingstips

Voorbereiding werf

Kwalitatief en mooi metselwerk nastreven, begint bij het opslaan van de aangevoerde stenen. De pakken worden geplaatst op een droge ondergrond, en beschermd tegen regen en opspattend vuil.

De gevelstenen worden vervaardigd uit de natuurlijke grondstof klei. Dit houdt in dat er tussen de opeenvolgende producties van eenzelfde steensoort kleur en maatverschillen mogelijk zijn.

Dit kan zo veel mogelijk vermeden worden dankzij volgende voorzorgsmaatregelen:

  • Een bestelling behelst de totale hoeveelheid nodig voor de betreffende werf. Zo kan deze voorbehouden worden uit éénzelfde productierun.
  • Bij afroep laat men meteen de totale hoeveelheid stenen leveren. Indien de levering toch in meerdere keren moet gebeuren, worden steeds een aantal pakken uit de vorige levering met een aantal pakken uit de nieuwe levering gemengd. Dit wordt ook sterk aangeraden in geval van een nabestelling.
  • De gevelstenen neemt men diagonaal van boven naar onder uit de pakken.
  • Gevelstenen uit minimum vijf verschillende pakken simultaan mengen en verwerken.
  • Voor het uitpassen met gevelstenen op de werf neemt men eenheden uit de levering effectief bestemd voor deze werf. Men mag hiervoor niet louter rekenen met de theoretische afmetingen van de betreffende gevelsteen, en ook geen stalen gebruiken van een andere dan de voor deze werf voorbehouden productierun.
  • Vóór aanvang van de metselwerken, controleert men de leveringen visueel om eventuele niet-conformiteiten op te merken.
  • Bij vriesweer niet metselen of het ‘verse’ metselwerk beschermen met isolerende matten, om vorstschade aan de mortel te voorkomen. 
  • Bij aanhoudend droog en warm weer bevochtigt men licht het ‘verse’ metselwerk om te vermijden dat de mortel te snel uitdroogt.
  • Bij neerslag niet metselen om uitspoelen van mortel op de gevel te vermijden.

Metselen met Brick 7

Kantelen van de baksteen

Het beste resultaat bekomt men door de Brick 7 eerst vooraan neer te leggen en dan nauwgezet naar de achterzijde van het gevelvlak toe te kantelen. Zo drukken we de mortel samen naar de binnenzijde van het spouwblad.

Aanbrengen legmortel en voegmortel

Bij het aanbrengen van de voegmortel ervoor zorgen dat de legmortel (bij een klassieke voeg) en de dun- of lijmmortel (bij een dunne voeg) voldoende over de breedte van de steen wordt aangebracht, minimaal 5 cm. Men dient er wel steeds op toe te zien dat achterzijde van het buitenspouwblad vrij is van mortelresten en deze indien nodig af te strijken. Dit om contactpunten met de isolatie of het binnenspouwblad te vermijden. Bij navoegen moet er voldoende ruimte zijn voor het aanbrengen van een stevige afwerkingsvoeg, ca. 2 cm.

Kopvoegen

Een dichte kopvoeg resulteert in een betere lucht- & vochtdichtheid van het buitenspouw blad. Hierdoor beperkt men dus ook de warmtedoorlaatbaarheid.

Bepalen van de optimale voegdikte bij dunne voeg

De ruwheid en onregelmatigheid van de stenen bepalen welke voegdikte het best kan aangehouden worden bij metselwerk met dunne voegen.
Daarom is het aan te raden om eerst een proefmuurtje op te stellen.
Via de opbouw van een proefmuurtje, bestaande uit een aantal steenlagen met verschillende voegdiktes (4 mm, 5 mm, 6 mm), kan men de strakheid van de gevel weergeven.
Het belangrijkste criterium is namelijk de vlakheid van de horizontale voeg (lintvoeg) en niet zozeer het beperken van de dikte van de voeg.

Reinigen van metselwerk

RESTEN VAN METSELMORTEL

Na verharding van de mortel verwijdert men eerst de grootste morteldelen met een stijve borstel; daarna de gevel grondig bevochtigen met zuiver water, en naborstelen. Resterende vlekken  kunnen verwijderd worden met zoutzuur (oplossing van 10%), of met fosforzuur. Dit echter steeds wel na inwinnen van technisch advies van de leverancier en vooraf uit proberen op klein niet zichtbaar stuk metselwerk.  Vooraleer de gevelstenen met een chemisch product te behandelen, steeds een test doen op niet verwerkte materialen of een beperkt niet-zichtbaar oppervlak.
 

Uitbloeiingen voorkomen

Baksteenmetselwerk wordt soms ontsierd door witte uitslag. Deze uitslag wordt veelal veroorzaakt doordat er gemetseld is onder ongunstige weersomstandigheden. Vaak worden vanwege een strakke planning en een hoog bouwtempo niet de noodzakelijke beschermende maatregelen getroffen. Onder zeer vochtige omstandigheden kunnen in water oplosbare stoffen aanleiding geven tot uitslag op het oppervlak. In zowel het voor- als najaar kunnen na een vochtige periode (als het metselwerk weer opdroogt) de oplosbare stoffen als gevolg van vochttransport naar het oppervlak komen. Na verdamping van het water blijft een witte uitslag achter. (Bron: Uitslag op baksteenmetselwerk - Heidelberg Cement Group)

Enige uitslag op metselwerk kan altijd optreden. Er bestaat tot op heden geen enkele gevelsteen die in combinatie met een bepaalde mortel en of voegspecie gegarandeerd uitbloeiingsvrij is.
Wel kan men bepaalde eenvoudige voorzorgsmaatregelen nemen  die het gevaar van uitbloeiingen minimaliseren (om sterke bevochtiging van vers metselwerk tegen te gaan):

  • tijdens de uitvoering het vers metselwerk over een hoogte van minstens 60 cm beschermen (wel ventilatie toelaten) 
  • voorlopige regenwaterafvoerbuizen plaatsen om te vermijden dat het metselwerk zeer vochtig wordt
  • niet metselen bij slagregen